Grunbergs Moraalpaard

Wie goed naar de hoge toren kijkt, ziet Arnon Grunberg tussen de kantelen staan blazen. Waarom hij dat doet? Hij wil dat ruiterstandbeeld omver blazen. Waar gaat dit over? Een artikel van Arnon Grunberg over Heidegger, techniek en paarden! Ik las het in de wachtkamer van de tandarts (in een oude Volkskrant onder een stapel tijdschriften), getiteld: ‘Techniek gaat haar gang.’ Mijn interesse was gewekt. Grunberg recenseerde Heideggers ‘Vraag naar de techniek,’ een vertaling uit het Duits van Marc Wildschut (2014). Ook besprak hij Gerard Vissers commentaar op Heideggers vraag naar de techniek. Veelbelovend steekt Grunberg van wal: “Over haar leermeester en geliefde, Martin Heidegger, zei Hannah Arendt dat zijn naam als een gerucht door Duitsland reisde en ‘dat gerucht zei het heel eenvoudig: het denken is weer levend geworden’. Ook andere studenten van Heidegger getuigden van de magische uitwerking die zijn colleges op hen hadden. Misschien heeft alle ware kennisoverdracht een magische en ook erotiserende component.” Beteugeling Hoezo misschien? dacht
Lees verder...

snaren luchtorkist

vliegen willen is de weg van alle vlees herinneringen kruipen als maden   na de laatste cellen zucht sterf de oude plicht – stilte dan uitgebloed gebaren geborchte gehangene in broeiend licht   harpen sluimer van luier tot luid, luider geluid, door het open venster vaart de vogel uit het stemnest   of een spin zich als vlinder ontspint? schrap woorden wind voor de glasdraad, pluk de klank voor het vierkant boeket.   Er was eens een bromvlieg te Haren die wist zeer rechtlijnig te varen maar hij had het te kwaad en hij wist zich geen raad bij het zien van de woelige baren   een andere vlieg uit Sint Andries bezag het wat meer optimisties hij ging aan de zwier en riep: ‘Kiek noe ‘ns hier altegaar bent wie soam ja Kuu-bist-ies!’   *   beginnen is openen ‘t laten plooien van ‘t podiumgordijn   paardenbloemen zaden draven langs de gaten in het lood, licht ontloken sust de panische mug van munch  
Lees verder...

Oogcontact

Het vliegende paard van Gansu is een bronzen beeldje uit China, gemaakt in de 2e eeuw. Tijdens de culturele revolutie in 1969 werd het opgegraven door boeren in het plaatsje Wuwei. Ze vonden in de grond een oud kloostergewelf en het graf van een legergeneraal. Het vliegende paard is over de hele wereld tentoongesteld en werd de icoon voor het moderne China. Ik vond het volgende commentaar: “Terwijl het paard langs het zwerk vliegt, stapt het op een zwaluw die bewonderend naar hem opkijkt. Anders dan de Westerse Pegasus maakt het Chinese paard geen gebruik van vleugels, hij galoppeert op eigen kracht en is sneller dan de wind.” De oorsprong van dit commentaar kon ik niet achterhalen, maar de bedenker ervan ziet iets over het hoofd. Het kan natuurlijk zijn dat het paard de zwaluw uitlacht terwijl hij over hem heen walst, toch denk ik dat de Chinese monniken met dit beeldje iets anders wilden vertellen. Want waarom houdt het
Lees verder...

Lilith

Lilith is de naam die Lucebert verzon voor zijn muze. Andere schrijvers en dichters gingen hem voor. Hölderlin (1770-1843) noemde zijn muze Diotima. Paul van Ostaijen (1896-1928) schreef een lofdicht op de filmster Asta Nielsen. Nabokov (1899-1977) schreef zijn roman Lolita – waarvan wordt beweerd dat hij de naam oppikte uit de krant toen hij de uitslagen van de paardenraces las, omdat een beroemd renpaard zo heette. Anderen menen dat Lolita een verwijzing is naar het lied ‘Die fesche Lola,’ uit de film Der Blaue Engel (1930), waarin Marlene Dietrich (1901-1992) de hoofdrol speelde. Lucebert, het kan niet anders, dacht bij Lilith ook aan het lied Lili Marleen, gezongen door Marlene Dietrich. Zij zong het in de oorlogsjaren zowel in het Duits als in het Engels. Het lied was populair bij soldaten aan beide fronten. Het lied gaat over een soldaat die hoopt zijn geliefde te zullen zoenen in het licht van een straatlantaarn. In het licht van de lantaarn worden de schaduwen
Lees verder...

Sinterklaas is dood – leve Paardeklaas!

Een overlijdensbericht:   Oplettende kinderen hebben gemerkt dat Sint al jaren niet echt werkt. Hij is afwezig, komt slecht uit zijn woorden zag niet hoe Pieten de orde verstoorden.   Hij is zichzelf niet, net zo min als zijn Piet. Geen wonder, hij kan niet zichzelf zijn. Waarom? Wie is hij? Hoe kan dat zijn? Hoor hier het onderliggend verdriet.   Volwassenen weten: de Sint was zeer oud. En geen mens is onsterfelijk, meneer. Het onvermijdelijke gebeurde, niet kortbij maar al vrij lang geleden overleed hij.   De Sint die toen kwam aangevaren, is een ander. En? Waren er geen bewaren? Waarom die ander voor lief genomen, hij die het imago stal is feitelijk een dief.   Ouders wisten zich geen raad, ze vonden de dood te zwart-wit, ze stonden met monden vol tanden, wisten niet hoe ze dan het goede gevoel aan kinderen overdragen konden.   Maar luister eens hier, want hoort de dood niet bij het leven? Spoort
Lees verder...

Lucepérd

Omkeringen zie je dikwijls in de poëzie van Lucebert (1924-1994) bijvoorbeeld in het beroemde gedicht Visser van ma yan: ‘onder wolken vogels varen / onder golven vliegen vissen / maar daartussen rust de visser // golven worden hoge wolken / wolken worden hoge golven / maar intussen rust de visser.’ Over de waardering van het omslagmoment in dit gedicht zijn de meningen verdeeld. Is de in rust verkerende visser een spil waar de wereld om draait – of is hij juist een speelbal der elementen? De vraag is echter wat zo’n waardering waard is als de betekenis van de vissersvrouw (zij is in dit gedicht overigens niet in beeld) wordt vergeten. In andere gedichten noemt Lucebert haar wel, ze heet: Lilith. Zij is zijn luxepaard, de inspiratiebron voor hemzelf als dichtend werkpaard. Mijn blog ‘Lucepérd’ (spreek uit: lûdsjepeerd) had eigenlijk Kapseizend paard (2) moeten heten omdat ik hier voortborduurt op mijn vorige blog waarin ik de dichtbundel ‘Liederen van een kapseizend paard’,
Lees verder...

Kapseizend paard

Van het chtonische naar het aquatische overstappen, betekent de kunst verstaan het hoofd boven water te houden. Aandacht dient uit te gaan naar zwem- of vaarkunst, opdat ’t spreken niet kopje onder gaat in taal die nergens op slaat. ‘t Water in gaan is een ander element verkennen, is zoeken naar grond onder handen en voeten. Wie die kunst verstaat, baart opzien en zal dankzij de wet van Archimedes het gevoel hebben te vliegen. Wie het niet kan, zal zich spoedig op de zeebodem wanen, zoals tuinder Jacob Meiland in Tonnus Oosterhoffs verhalenbundel Kan niet vernietigd worden (1996). Meiland loopt ’t water in en blijft nog dagen, weken op de zeebodem doorlopen, totdat uiteindelijk de zee zich geheel met hem heeft vereenzelvigd. Wie angst voor water heeft, dient ‘t spiegelende element eerst grondig te verkennen. Het paardige bekijken vanuit aquatisch perspectief heeft per definitie iets oppervlakkigs. Die oppervlakkigheid is van belang om verdrinking te voorkomen. Iemand kan het ook te kwaad krijgen als
Lees verder...

The art of Horsemanship

Ergens in de geschiedenis ging het faliekant mis, en de plaats des onheils was niet het paradijs. Dankzij Homerus weten we dat het gebeurde bij de stad Troje. Of daarvoor al, want prehistorische grotschilderingen verwijzen naar het eerste begin ruim 30.000 jaar geleden. Opgravingen brachten aan het licht dat de domesticatie van paarden 5000 jaar voor de jaartelling al plaats had. In het tweede millennium zorgde het zes spakige wiel met ijzerbeslag voor een revolutie, strijdwagens met paarden ervoor verschenen op het wereldtoneel. Mens en paard toonden in vliegende vaart hun kunsten, maar ook verdween toen het geloof in het paardige. Hoe? Hoor. De kunstenaar Maurizio Cattelan zette in de zomer van 2003 op de dakrand van het Kölner Museum een jongetje neer. In de ronde vorm van het dak is gemakkelijk een paard te herkennen. ‘t Joch zat er vier maanden lang non stop te trommelen. Hij verwijst naar de figuur Oskar uit de roman Die Blechtrommel, van Günter Grass (1927-2015). De
Lees verder...